Afstammelingen van Lagerweij
De Nederlandse windturbine-industrie is het afgelopen decennium ten onder gegaan, maar uit de as van de oude bedrijvigheid herrijst een viertal bedrijven dat molens op de markt brengt of die in ontwikkeling heeft.
Onvoldoende stimulerend overheidsbeleid, gebrek aan een thuismarkt, niet adequaat management, onduidelijke financiële constructies en een focus meer gericht op kennisverwerving dan op serieproductie. Dat zijn de belangrijkste factoren die leidden tot de ondergang van de Nederlandse windturbine-industrie in het afgelopen decennium.
Het overheidsbeleid ten aanzien van windenergie kenmerkt zich sinds de jaren zeventig door een zich met elk kabinet wijzigend subsidie-instrumentarium. Daarnaast werd het in de loop der jaren steeds moeilijker om plaatsingsvergunningen voor windmolens te krijgen.
Dieptepunt was in 2006 toen de minister van EZ van de ene op de andere dag de MEP-regeling introk, waardoor er geen cent subsidie meer beschikbaar kwam voor duurzame energie. ‘Alles kwam stil te staan’, zegt ir. Bart van Neerbos. Het maakte echter ook pijnlijk duidelijk hoezeer de sector afhankelijk is van subsidies. Van Neerbos brengt als consultant nieuwe technieken naar de markt en is sinds een klein decennium bij de Nederlandse windenergiesector betrokken.
Mede door dit overheidsbeleid is voor Nederlandse windturbinebouwers de thuismarkt nooit goed van de grond gekomen. Dit mag als excuus gelden, toch bieden andere industriële sectoren wel degelijk voorbeelden van bedrijven (IHC, Urenco, ASML) die, ook zonder thuismarkt, een fors aandeel in de wereldmarkt hebben veroverd, zo stelt Van Neerbos.
Op het gebied van windenergie heeft in Nederland altijd meer de nadruk gelegen op kennisverwerving dan op serieproductie. De industrie is gestuurd vanuit de academische sector. R&D en het bouwen van prototypes hebben een hogere prioriteit gehad dan serieproductie. Ook dit is de ontwikkeling van een volwassen windindustrie in Nederland niet ten goede gekomen, zo zegt hoogleraar windenergie dr. ir. Gijs van Kuik (TU Delft).
Gesneuveld
In 1997 telt Nederland nog drie grote windturbinebouwers: Lagerwey Windturbine, Windmaster en Nedwind.
In 1998 komt Nedwind in handen van NEG Micon, het bedrijf hevelt de productie naar Denemarken over. Ook in dat jaar neemt Lagerwey het failliete Windmaster over. Lagerwey the Windmaster raakt in de jaren daarop echter ook in financiële problemen. Op 20 augustus 2003 wordt het faillissement uitgesproken. Lagerwey heeft totaal zo’n 1200 windturbines verkocht, waarvan de meeste nog in bedrijf zijn.
Lagerwey Windturbine, de parel aan de kroon van de Nederlandse windturbine-industrie, produceert na de start in 1979 een 10 kW-turbine, vooral geplaatst bij boeren. In de woorden van Van Neerbos ‘een piepkleine windturbine op een bezemsteel’. Maar al snel volgen steeds grotere windmolens. In 1996 presenteert Lagerwey het prototype van een 750 kW direct-drive turbine (zonder tandwielkast), waarbij het overigens nog jaren duurt voor deze op de markt is. Deze turbine blijkt ook interessant voor energiebedrijven. Het bedrijf boekt hiermee enige verkoopsuccessen in India en Japan. Van Neerbos, cryptisch: ‘Het werd een verkoopsucces, maar ook de ondergang van Lagerwey’.
De markt vraagt in die tijd om nog grotere molens. In 1999 haalt de belangrijkste financier van Lagerwey, een private investor die miljoenen in het bedrijf heeft gepompt, Van Neerbos erbij om te onderzoeken of Lagerwey in staat is een dergelijke molen zelfstandig te ontwikkelen en te produceren.
Van Neerbos treft een bedrijf aan waarvan de vijftig man personeel is verdeeld in subculturen. De onderneming is kort daarvoor failliet gegaan aan een project in India, en gered door de private investor. Ing. Henk Lagerwey is weliswaar een hele knappe technicus, maar niet de beste communicator. En last but not least: de directeur, een schoonzoon van de private investor, door hem naast Lagerwey gezet, bezuinigt verkeerd. Van Neerbos trekt daarom de conclusie: zo’n grote turbine kan Lagerwey niet alleen ontwikkelen en produceren, dat gaat alleen samen met grote partijen.
Hij brengt vervolgens vier participanten bij elkaar: het industriële concern ABB, BVT (een private investor uit München), Triodos Bank en Lagerwey. De belangen worden ondergebracht in een aparte bv, Zephyros, waarin Lagerwey een 45 procent-aandeel krijgt. Eneco koopt een prototype van de direct-drive 2 MW-turbine van Zephyros (en deze draait nog steeds).
Ongetest
Zephyros wil van start gaan, maar dan gaat alles fout. ABB krijgt in de VS een enorme asbestclaim aan zijn broek en kan de verplichtingen jegens Zephyros niet nakomen. BVT komt in handen van een Duitse bank die weigert verder in Zephyros te investeren. Lagerwey krijgt uit Japan een order voor zeventig turbines van 750 kW, een groot succes voor het bedrijf. Maar door verkeerd bezuinigen worden ze ongetest naar Japan gestuurd. Daar weigeren ze dienst. De Japanners betalen de rekening niet en Lagerwey gaat failliet. Aan deze combinatie van oorzaken gaat ook Zephyros ten onder.
Op dat moment ligt de complete Nederlandse windturbine-industrie op zijn gat. Maar, hoe vreemd het ook klinkt, dat biedt ook weer kansen. Van Neerbos: ‘Er is in Nederland ongelooflijk veel kennis, en er waren op dat moment veel loslopende ingenieurs met ervaring in de windindustrie’. Die kennis zit vooral bij ECN en bij de TU Delft. Uit de as van de ten ondergegane bedrijven is weer een viertal bedrijven opgestaan. Alle vier zijn het ‘afstammelingen’ van Lagerwey/Zephyros.
Al in 2003 gaat Wind Energy Solutions (Zijdewind, kop van Noord-Holland) van start. Het produceert kleinere turbines tot 250 kW. Het brengt onder meer een windturbine/dieselgenerator-combinatie op de markt die altijd stroom levert.
Emergya Wind Technologies (EWT, Schoondijke, Zeeuws-Vlaanderen) begint in 2004, ook op basis van kennis van Lagerwey. EWT bouwt grotere windturbines, vanaf 750 kW.
Het Japanse Harakosan neemt via de curator het intellectuele eigendom van Zephyros over en vestigt zich in Nederland. Harakosan Europe, hoofdkantoor in Lelystad, produceert in Den Helder. Het richt zich uitsluitend op onshore-windturbines. Het bedrijf produceert de door Zephyros ontwikkelde 2 MW direct-drive turbine en levert momenteel orders uit aan Taiwan, Finland en China.
Van Neerbos is als adviseur betrokken bij DarwinD, gevestigd in Den Helder. Dit bedrijf richt zich uitsluitend op offshore-windturbines voor met name de Noordzee. Grootste aandeelhouder is het Utrechtse ingenieursbureau Econcern, waar onder andere de families Brenninkmeijer en Fentener van Vlissingen geld in hebben gestoken. DarwinD ontwikkelt momenteel een 4,5 MW offshore-turbine met een 115 m bladdiameter, een opschaling van de Zephyros-turbine. Het betreft een direct-drive, permanente magneet turbine (efficiënter dan een generator met gewikkelde rotor). Een sterke techniekpartner is het Engelse Converteam, dat de generator en de converter levert.
Overdruk
Deze turbine is speciaal ontworpen voor offshore-plaatsing; tot nu toe op zee geïnstalleerde turbines zijn doorontwikkelde versies van op land geplaatste molens. Dat betekent bijvoorbeeld eens in de twintig jaar groot onderhoud; er heerst overdruk in turbine en mast om zout buiten te houden. ‘Hij is wat duurder in aanschaf’, zegt Van Neerbos, ‘maar de operationele kosten zijn lager dan van concurrerende machines’. De turbine moet in 2010 op de markt komen.
Naast deze vier bedrijven is er nog een aantal adviesbureaus en consultants. Henk Lagerwey legt zich met Lagerwey Wind, Barneveld, toe op ontwerp, engineering en onderhoud van windturbines en –parken, en op management van windprojecten. Siemens Wind Power zet in Den Haag een kenniscentrum op, waar eind volgend jaar twintig mensen moeten werken.
Voor deze vier productiebedrijven, die elk hun eigen marktniche kiezen, zijn er zeker kansen in de onstuimig groeiende wereldmarkt voor windenergie. Het zal echter hoge eisen stellen aan het management van deze ondernemingen om marktaandeel te veroveren, nu ook de grote concerns – naast Siemens ook General Electric en Mitsubishi – actief worden in deze markt.
Bron: Technisch Weekblad
home afdrukken venster sluiten